<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Alaska: more than you know, more than you think.</title>
	<atom:link href="http://www.alaska-group.eu/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.alaska-group.eu</link>
	<description>Bij Alaska zijn we gepassioneerd door accountancy, audit en advies. Dat zijn we vanuit verschillende kantoren in België.</description>
	<lastBuildDate>Tue, 23 May 2017 15:35:41 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl-NL</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.org/?v=3.6.1</generator>
		<item>
		<title>Spelregels verduidelijkt voor lening via crowdfunding</title>
		<link>http://www.alaska-group.eu/spelregels-verduidelijkt-voor-lening-via-crowdfunding/</link>
		<comments>http://www.alaska-group.eu/spelregels-verduidelijkt-voor-lening-via-crowdfunding/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 23 May 2017 15:35:41 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Legal &#38; Tax</dc:creator>
				<category><![CDATA[Accountancy & Audit]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.alaska-group.eu/?p=17078</guid>
		<description><![CDATA[Niet enkel een kapitaalinvestering gedaan aan een startende KMO, maar ook aan hen verstrekte leningen via een erkend crowdfunding platform kunnen van een fiscaal voordeel genieten. Onder bepaalde voorwaarden en binnen bepaalde grenzen...]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><strong>Niet enkel een kapitaalinvestering gedaan aan een startende KMO, maar ook aan hen verstrekte leningen via een erkend crowdfunding platform kunnen van een fiscaal voordeel genieten. Onder bepaalde voorwaarden en binnen bepaalde grenzen zijn de interesten op die lening namelijk vrijgesteld van belastingen. Onlangs heeft de fiscus verduidelijkt welk bewijs daarbij moet geleverd worden om van die vrijstelling te kunnen genieten. </strong></p>
<p>Om het fiscaal voordeel te kunnen genieten dienen zowel de kapitaalinvestering als de lening verstrekt te worden aan een startende KMO. Het gaat bijgevolg om kleine vennootschappen die ten hoogste 48 maanden zijn ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondermingen (KBO). Voor uw kapitaalinvestering van maximaal 100.000 euro krijgt u dan privé een belastingvermindering van 30% toegekend. Investeert u in een zgn. microvennootschap, dan wordt die belastingvermindering zelfs verhoogd naar 45%. Investeert u als zaakvoerder of bestuurder in uw eigen vennootschap, dan kunt u van die fiscale gunstmaatregel echter geen gebruik maken. Dat staat echter niet in de weg dat uw echtgenote het fiscaal voordeel kan genieten, voor zover zij dan niets met uw vennootschap te maken heeft en haar ‘eigen’ geld in uw vennootschap investeert. </p>
<p>Er wordt ook een fiscaal voordeel toegekend voor leningen die u via een erkend crowdfunding platform verstrekt aan startende KMO’s. Concreet komt het er dan op neer dat u op de interesten van uw lening aan die startende KMO tot een schijf van 15.000 euro geen belastingen moet betalen. Rekening houdend met het feit dat u op die interesten normaliter 30% roerende voorheffing op betaald, kunt u daarmee toch een aanzienlijke belastingbesparing mee genieten. Ook als bedrijfsleider kunt u in principe van die fiscale gunstmaatregel voor uw eigen vennootschap gebruik maken.</p>
<p>Om de fiscale vrijstelling op uw lening te kunnen genieten, heeft de fiscus onlangs de voorwaarden verduidelijkt waaraan moet voldaan zijn. Die ‘bewijsvoorwaarden’ liggen trouwens in dezelfde lijn als die van een kapitaalinvestering. De kredietnemer of m.a.w. de startende KMO moet u in jaarlijks vóór 31 maart een document bezorgen en dit vanaf jaar volgend op jaar van uw lening. Daarin moet dan vermeld staat hoeveel interesten u het vorige jaar betaald werden, alsook bevestigd worden dat u aan de voorwaarden ter zake voldaan heeft. U moet dit document niet bijvoegen bij uw privéaangifte, maar u moet het wel ter beschikking houden van de Administratie. </p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.alaska-group.eu/spelregels-verduidelijkt-voor-lening-via-crowdfunding/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Interview in de artsenkrant: Uw vennootschap ontbinden</title>
		<link>http://www.alaska-group.eu/interview-in-de-artsenkrant-uw-vennootschap-ontbinden/</link>
		<comments>http://www.alaska-group.eu/interview-in-de-artsenkrant-uw-vennootschap-ontbinden/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 08 May 2017 15:14:26 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Dirk Van Collie</dc:creator>
				<category><![CDATA[Legal]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.alaska-group.eu/?p=17052</guid>
		<description><![CDATA[Een vennootschap die ooit werd opgericht, moet op een bepaald moment ook weer worden ontbonden. De ontbinding staat synoniem voor de juridische beëindiging van de vennootschap. Door de vereffening worden alle rekeningen voldaan...]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><strong>Een vennootschap die ooit werd opgericht, moet op een bepaald moment ook weer worden ontbonden. De ontbinding staat synoniem voor de juridische beëindiging van de vennootschap. Door de vereffening worden alle rekeningen voldaan en gaat wat er overblijft naar de aandeelhouder(s). Waarop moet u letten bij de ontbinding en vereffening van uw vennootschap.</strong></p>
<p>Dirk Van Collie van Alaska Group: “Meestal houdt een artsenvennootschap op te bestaan bij de pensionering van de arts. Bij zo’n ontbinding komen verschillende aspecten kijken. Je hebt enerzijds de procedure – het juridische verhaal – en anderzijds het fiscale aspect. Maar eerst toch even opmerken dat een vennootschap niet altijd hoeft ontbonden te worden. Er is ook een mogelijkheid om de vennootschap eenvoudigweg een nieuwe bestemming te geven. De algemene vergadering kan dan gewoonweg beslissen om het statutaire doel te veranderen in bijvoorbeeld een immovennootschap. Zo kun je als arts je vennootschap een nieuw leven geven als een soort familiale patrimoniumvennootschap. </p>
<p><strong>Snelle en trage procedure</strong><br />
Maar in het geval er geen reden meer is om je vennootschap te behouden, gaan we dus over tot ontbinding. Daar bestaan twee procedures voor: een gewone en een korte. In elke procedure moet sowieso een verslag opgemaakt worden door de zaakvoerder, met een staat van actief en passief gewaardeerd in discontinuïteit die maximaal drie maanden oud mag zijn.. Als de revisor verklaart dat die staat een volledig, getrouw en juist beeld geeft van het netto-actief, dan kan de notaris de akte verlijden waarbij vennootschap wordt ontbonden en in vereffening gesteld<br />
Bij de gewone procedure wordt een verzoekschrift gestuurd naar de voorzitter van de rechtbank van koophandel om de benoeming van de vereffenaar te bevestigen. De vereffenaar is doorgaans de zaakvoerder zelf. Daarna wordt de vordering van de werkzaamheden eerst na 6 maand en daarna jaarlijks voorgelegd aan de rechtbank. Het is mogelijk om aan de aandeelhouders voorschotten toe te kennen op het liquidatiesaldo. Bij de finale afsluiting van de vereffening zijn alle activa liquide gemaakt en is iedere externe schuldeiser binnen de vereffening betaald. “Vanaf het ogenblik dat er geen schuldeisers meer zijn, wordt een verdelingssplan opgemaakt dat men weer ter goedkeuring naar de rechtbank stuurt. Na goedkeuring kan de afsluiting van de vereffening vastgesteld worden in een bijzondere algemene vergadering zonder naar de notaris te gaan. </p>
<p>Kmo’s en kleine (dokters)vennootschappen kunnen doorgaans die zware procedure links laten liggen en kiezen voor een eenvoudigere procedure: de ontbinding-vereffening in één akte. Daarvoor moet men aan drie voorwaarden voldoen: de vennoten nemen de beslissing met unanimiteit, er mag geen vereffenaar worden aangewezen en er mogen geen schulden zijn ten aanzien van derden. Aan de eerste twee voorwaarden kan men makkelijk voldoen. Om aan de derde te voldoen zorgt men ervoor dat alle schulden volledig vereffend zijn voor er wordt ontbonden. We betalen dus eerst alle schuldeisers of consigneren het geld bij de deposito- en consignatiekas, zodat er zekerheid is dat alle schulden zullen worden betaald. Wat daarna nog overblijft, komt alleen nog de aandeelhouder toe. Als er zekerheid is dat alle schulden zullen worden betaald, kan men in één akte ontbinden en vereffenen zonder tussenkomst van een rechtbank.”</p>
<p>Zowat 90% van alle vereffeningen vindt plaats in één akte, omdat dat het snelst en het goedkoopst is. Soms is de zwaardere procedure niet te vermijden,  omdat er bijvoorbeeld nog ergens een onopgelost geschil is.“Artsen kunnen er doorgaans wel voor zorgen dat alle schulden vereffend zijn. Dat blijkt enerzijds uit de tussentijdse staat van actief en passief, die aan de revisor wordt voorgelegd. Voor de schulden die nog vermeld staan moet een betalingsbewijs kunnen worden voorgelegd. Zijn er geen schulden meer, dan kan de notaris de zaak afronden en de akte verlijden.”</p>
<p><strong>Registratierechten</strong><br />
Bij een vereffening hoeft men niet per se alle goederen liquide te maken. Men kan goederen ook in natura toebedeeld krijgen. Er is een aspect van registratierecht, als er een onroerend goed in zit.<br />
“Normaal betaalt men in Vlaanderen tien procent registratierechten op de venale waarde van een onroerend goed. Voor bvba’s en andere personenvennootschappen geldt een gunstregeling: bij de toebedeling van een onroerend goed in het kader van een vereffening aan de aandeelhouder die ook aandeelhouder was toen dat goed werd verworven met 10 of 12,5 procent registratierechten of met btw, dan geldt er een vast recht van 50 euro. De aandeelhouder of zijn erfgenamen krijgen zo het voorrecht om dat onroerend goed dat in die personenvennootschap is terechtgekomen terug naar dat persoonlijk vermogen over te hevelen zonder dat het verkooprecht verschuldigd is.  Een tip daarbij: dit recht gaat over op de erfgenamen. Als de aandelen worden geschonken aan de kinderen, geldt dit niet. Hou dus altijd nog één aandeel dat je niet wegschenkt aan je kinderen om te laten vererven. Zo krijgen zij ook het voorrecht om dat te verkrijgen via het vast recht van 50 euro.”</p>
<p><strong>Vennootschapsbelasting</strong><br />
Op de meerwaarden die bij een ontbinding of vereffening naar boven komen bij een verkoop aan derden of bij een toebedeling in het kader van de vereffening, worden belast volgens de gewone tarieven van vennootschapsbelasting.  Daarnaast hebben we nog de roerende voorheffing: de derde belasting waarmee we geconfronteerd worden. Deze bedraagt bij een ontbinding standaard 30%. </p>
<p><strong>Liquidatiereserve</strong><br />
“Heel wat vennootschappen zullen evenwel al liquidatiereserves hebben aangelegd. Op die aangelegde liquidatiereserves waar men vroeger vrijwillig al tien procent bijkomende heffing heeft op betaald, moet men bij een ontbinding niet nog eens betalen. Die  reeds betaalde tien procent werkt dan volledig bevrijdend. Het is enkel als men een liquidatiereserve voor de ontbinding wil aanspreken dat een opleg van 5% is verschuldigd.  Het is wel onmogelijk om nog snel een liquidatiereserve aan te leggen op de meerwaarde die naar boven komt bij de ontbinding en vereffening in één akte. Wie toch een liquidatiereserve wil aanleggen op de winst van het laatste jaar, kan opteren voor de procedure met twee aktes. Gezien een vennootschap in vereffening elk jaar zijn normale aangifte vennootschapsbelasting moet indienen, kan op dat moment nog gekozen worden voor de aanleg van een liquidatiereserve”, stelt Dirk Van Collie.<br />
Een en ander moet goed worden afgewogen en de keuze van de procedure hangt natuurlijk af van de grootteorde van de bedragen die in het spel zijn. Een ontbinding en vereffening in één akte kan in drie maanden tijd rond zijn. Afhankelijk van de situatie kan de zwaardere procedure met twee akten een half jaar tot anderhalf jaar of langer in beslag nemen. Gaat het evenwel om grote bedragen, dan overstijgen de baten wellicht de lasten en kan men misschien toch beter opteren voor de zwaardere procedure.</p>
<p><strong>Verder werken</strong><br />
“Een vennootschap die in vereffening is gesteld, mag geen nieuwe activiteiten meer ontwikkelen. Die mag enkel nog de lopende zaken afwerken. Je kunt niet je vennootschap opdoeken, je liquidatiereserves ontvangen zonder opleg en met een nieuwe vennootschap beginnen. Dit zou als fiscaal misbruik kunnen beschouwd worden. Als de vennootschap niet meer bestaat, mag je wel als arts voortwerken als natuurlijke persoon. Je komt dan terecht in de personenbelasting. Wie als gepensioneerde arts blijft bijverdienen bij zijn pensioen, maakt best vooraf goed zijn rekening. Je betaalt immers én sociale bijdragen én belastingen op wat je verdient en aan de andere kant verlies je geheel of deels de fiscale pensioenkorting op je pensioen.  Dat kan een heel serieus belastingeffect hebben.”</p>
<p><strong>De groepsverzekering</strong><br />
“Zodra de vennootschap is opgedoekt, kun je geen veranderingen meer aanbrengen in je individuele pensioentoezegging of je groepsverzekering, om bijvoorbeeld voor de meest gunstige fiscale regeling in aanmerking te komen. Regel die dingen op het moment dat de vennootschap nog bestaat, want na de ontbinding van de vennootschap kan dat niet meer worden herroepen. Hiervoor moet men aandacht hebben, want bij een ontbinding denkt men niet spontaan aan zijn verzekeringen”,  sluit Dirk Van Collie af.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.alaska-group.eu/interview-in-de-artsenkrant-uw-vennootschap-ontbinden/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>6% Btw op de aanleg van groendaken &#8211;  en gevels?</title>
		<link>http://www.alaska-group.eu/6-btw-op-de-aanleg-van-groendaken-en-gevels/</link>
		<comments>http://www.alaska-group.eu/6-btw-op-de-aanleg-van-groendaken-en-gevels/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 08 May 2017 09:31:03 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Legal &#38; Tax</dc:creator>
				<category><![CDATA[Belastingen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.alaska-group.eu/?p=17049</guid>
		<description><![CDATA[In het verleden heeft er steeds onduidelijkheid geheerst omtrent de toepassing van het verlaagd btw-tarief van 6% op levering en plaatsing van groendaken en groengevels. Op 25 april 2017 heeft de Btw-administratie daaromtrent...]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><strong>In het verleden heeft er steeds onduidelijkheid geheerst omtrent de toepassing van het verlaagd btw-tarief van 6% op levering en plaatsing van groendaken en groengevels. Op 25 april 2017 heeft de Btw-administratie daaromtrent echter een circulaire uitgevaardigd die de spreekwoordelijke puntjes op de i zet.</strong> </p>
<p>In principe valt de plaatsing en levering van een groendak en groengeval inzake btw onder de zgn. werken in onroerende staat. De vraag die dan kan gesteld worden is daarop dan het verlaagd tarief van 6% kan toegepast worden, of dat die werken eerder als tuinwerken moeten beschouwd die van het verlaagd tarief zijn uitgesloten en bijgevolg aan het normale btw-tarief van 21% onderworpen zijn. </p>
<p>Wat groendaken betreft, maakt de Btw-administratie een onderscheid tussen 3 types. Het eerste type betreft een extensief dak of vegetatiedak dat onder meer bestaat ui een relatief dunne substraatlaag (gewoonlijk minder dan 12 cm) voor ondiep gewortelde planting (mossen, vetplanten en grassen) dat weinig tot geen onderhoud vereist en doorgaans niet begaanbaar is tenzij dan voor een nazicht. Daarnaast is er een tweede type, zijnde het semi-intensief dak of lichte daktuin dat bestaat uit een dikkere substraatlaag met allerlei soorten beplanting, met uitsluiting van grote bomen en struiken. Tenslotte is er het derde type waaronder een intensief dak of daktuin wordt verstaan dat bestaat uit een dikke substraatlaag (meer dan 25 cm) beplant met allerlei soorten vegetatie en een verstrekte dakstructuur heeft door het vrij aanzienlijke gewicht. De Btw-administratie heeft beslist dat enkel het eerste type, zijnde het vegetatiedak voor 6% btw in aanmerking komt. Voor het tweede en derde type dient de factuur uitgesplitst te worden tussen werken die betrekking hebben op de structuur van het dak aan 6% btw, en de beplanting van de vegetatie aan 21% btw. </p>
<p>Groengevels worden opgedeeld in twee types, nl. gebonden en niet-gebonden groengevels. In het eerste geval wordt de beplanting voornamelijk vanaf een structuur in de grond bevestigd, terwijl in het andere geval de beplanting aangebracht wordt via bv. verticale panelen. In beide gevallen is het 6% btw-tarief mogelijk aangezien die werken betrekking hebben op de eigenlijke woningen en te vergelijken zijn met pleisterwerken aan de buitenkant van het gebouw. Het louter aanplanten aan de voet van een muur van klimplanten wordt evenwel uitgesloten, zelfs wanneer de plaatsing daarvan gebeurt met behulp van een klimhulp. Daarvoor geldt dus sowieso het normale btw-tarief van 21%. </p>
<p>Uiteraard dienen ook de overige voorwaarden voor de toepassing van het 6% btw –tarief vervuld te zijn. Gebeurt de aanleg van een groendak of groengevel dus aan een privéwoning, dan is o.m. vereist dat de woning in kwestie minstens 10 jaar oud is. Een grote uitzondering betreft schoolgebouwen. Daar is sowieso het 6% btw-tarief van toepassing, ongeacht de ouderdom van de woning in kwestie en dus ongeacht het type van groendaken. Zelfs het louter aanplanten van klimplanten aan de voet van een muur kan dan van het verlaagd tarief genieten. </p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.alaska-group.eu/6-btw-op-de-aanleg-van-groendaken-en-gevels/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Hoe lang afschrijven op zonnepanelen?</title>
		<link>http://www.alaska-group.eu/hoe-lang-afschrijven-op-zonnepanelen/</link>
		<comments>http://www.alaska-group.eu/hoe-lang-afschrijven-op-zonnepanelen/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 08 May 2017 09:22:45 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Legal &#38; Tax</dc:creator>
				<category><![CDATA[Accountancy & Audit]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.alaska-group.eu/?p=17046</guid>
		<description><![CDATA[Investeringen moeten normaliter afgeschreven worden op hun normaal te verwachten economische levensduur. Wat is dan de normale afschrijvingsduur voor zonnepanelen? Mag daarbij rekening gehouden worden met de technologische vooruitgang die op dat vlak...]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><strong>Investeringen moeten normaliter afgeschreven worden op hun normaal te verwachten economische  levensduur. Wat is dan de normale afschrijvingsduur voor zonnepanelen? Mag daarbij rekening gehouden worden met de technologische vooruitgang die op dat vlak gemaakt wordt? De minister geeft hieromtrent zijn standpunt. </strong></p>
<p>In de wet is nergens bepaald hoe lang de afschrijvingsduur van zonnepanelen is. Het is dus vooral een kwestie om wat de rechtspraak en zgn. Rulingcommissie daaromtrent bepaald heeft. Zo werd in het verleden reeds meermaals geoordeeld dat een afschrijvingstermijn van 20 jaar als redelijk wordt aanvaard. De meeste controleurs zullen zich hierbij aansluiten. Beweert uw controleur echter dat u zonnepanelen op minstens 30 jaar moet afschrijven, dan moet u zich daar niet zo maar bij neerleggen. U verwijst dan best naar de relevante rechtspraak en standpunt van de Rulingcommissie ter zake. </p>
<p>Onlangs heeft de minister in een antwoord op een parlementaire vraag zich aangesloten bij de zienswijze van menige rechters en het standpunt van de Rulingcommissie, maar de minister gaat zelfs nog verder. De minister heeft bevestigd dat er immers geen algemeen geldende richtlijn bestaat voor het vastleggen van de afschrijvingsduur. Het komt er dan ook op neer om dat de belastingplichtige dat in het concrete geval moet afstemmen met de controleur. Een korte afschrijvingsduur van 20 jaar is zelfs mogelijk, maar dan ligt de bewijslast daarvoor wel bij de belastingplichtige. </p>
<p>Het goede nieuws is dus dat de fiscus zich niet vastpint op die 20 jaar. U moet dan echter wel kunnen aantonen dat economische levensduur van uw zonnepalen minder dan 20 jaar bedraagt. U dient daarbij wel voor ogen te houden dat u daarbij niet kunt terugvallen op de snelle technologische veroudering in de sector van de zonnepanelen. </p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.alaska-group.eu/hoe-lang-afschrijven-op-zonnepanelen/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Evenement georganiseerd door vzw vrij van btw?</title>
		<link>http://www.alaska-group.eu/evenement-georganiseerd-door-vzw-vrij-van-btw/</link>
		<comments>http://www.alaska-group.eu/evenement-georganiseerd-door-vzw-vrij-van-btw/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 05 May 2017 13:43:08 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Legal &#38; Tax</dc:creator>
				<category><![CDATA[Not-for-profit & Publieke sector]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.alaska-group.eu/?p=17042</guid>
		<description><![CDATA[Handelingen door een vzw verricht, zijn normaliter vrijgesteld van btw. Wanneer zij daarenboven handelingen gaan stellen met het oog op verkrijging van financiële steun zoals een mosselfeest die bedoeld zijn om wat geld...]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><strong>Handelingen door een vzw verricht, zijn normaliter vrijgesteld van btw. Wanneer zij daarenboven handelingen gaan stellen met het oog op verkrijging van financiële steun zoals een mosselfeest die bedoeld zijn om wat geld in het laatje te brengen én de opbrengst daarvan louter en alleen aanwenden voor hun vrijgestelde btw-activiteit, dan moet daar ook geen btw over gerekend worden. Het probleem is echter dat de Btw-administratie moeilijk kan doen wanneer die activiteiten met enige regelmaat georganiseerd worden waardoor er in principe btw verschuldigd is. De Btw-administratie heef nu een circulaire uitgewerkt die hieromtrent toch enige duidelijkheid brengt.  </strong></p>
<p>Sociale en culturele instellingen hebben in principe niets met btw te maken omdat het Btw-wetboek daarvoor een vrijstelling voorziet. Zij moeten m.a.w. geen btw aanrekenen op de handelingen die zij verstrekken ten behoeve van hun leden. Dat geldt ook wanneer zij evenementen organiseren waarvoor de opbrengst dient als financiële steun voor de werking van hun organisatie. Ook daar moet zijn geen btw op rekenen en bijgevolg blijven ze vrijgesteld van het aanvragen van een btw-nummer en het afdragen van verschuldigde btw over goederenleveringen en dienstprestaties zoals dat bij een normale btw-plichtige wel het geval is. Het nadeel van een vrijgestelde btw-plichtige zoals een vzw is dat zij dus geen btw kunnen recupereren op hun inkomende handelingen. Die moeten zij m.a.w. voor hun eigen rekening nemen. </p>
<p>Het probleem kan zich echter voordoen wanneer die evenement met enige regelmaat georganiseerd worden en bijgevolg tot concurrentieverstoring kan leiden met een gewone btw-plichtige waardoor een vzw bij het organiseren van zo’n evenement toch met btw te maken krijgt. Die evenementen moeten m.a.w. occasioneel blijven. De Btw-administratie heeft nu echter verduidelijkt onder welke omstandigheden de btw-vrijstelling van een vzw kan blijven gelden. Eerst en vooral dient het evenement uitsluitend ter verkrijging van financiële steun voor de werking van de vzw. Dat is duidelijk. Er wordt nu ook verduidelijkt hoeveel keer per jaar zo’n evenement kan doorgaan zonder dat de vzw daardoor in de problemen kan geraken in die zin dat zij er dan van gespaard blijven om een btw-nummer te moeten aanvragen en btw te moeten rekenen over de verkopen die met zo’n evenement gepaard kunnen gaan. </p>
<p>Concreet komt het erop neer dat een evenement occasioneel moet blijven en dus niet tot concurrentieverstoring mag leiden opdat de vzw vrijgesteld van btw kan blijven. De btw-Administratie heeft in een recente circulaire verduidelijkt dat er geen probleem is wanneer zo’n evenement hoogstens vier keer per jaar georganiseerd wordt. Een evenement van maximaal drie opeenvolgende dagen wordt als één evenement beschouwd. De gerealiseerde omzet in het kader van het evenement doet ook niet ter zake. Gaat vzw boven dat aantal van 4 evenementen, dan moeten zij de Btw-administratie contacteren die dan zal oordelen of er al dan niet sprake is van concurrentieverstoring. Het is dus perfect mogelijk dat ook het vijfde evenement vrijgesteld blijft van btw. Dat blijft immers een feitenkwestie waarover de Btw-administratie oordeelt. Is er concurrentieverstoring, dan is btw van toepassing vanaf het eerste kwartaal dat volgt op de overschrijding en dit gedurende minstens één kalenderjaar. </p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.alaska-group.eu/evenement-georganiseerd-door-vzw-vrij-van-btw/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Aandelenoptie toegekend aan zaakvoerder van managementvennootschap</title>
		<link>http://www.alaska-group.eu/aandelenoptie-toegekend-aan-zaakvoerder-van-managementvennootschap/</link>
		<comments>http://www.alaska-group.eu/aandelenoptie-toegekend-aan-zaakvoerder-van-managementvennootschap/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 05 May 2017 13:40:34 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Legal &#38; Tax</dc:creator>
				<category><![CDATA[Accountancy & Audit]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.alaska-group.eu/?p=17039</guid>
		<description><![CDATA[Niet alleen werknemers, maar ook zaakvoerders of bestuurders van een vennootschap kunnen aandelenopties toegekend krijgen van het bedrijf of vennootschap waarvoor zij hun prestaties leveren. Onlangs heeft de fiscus in een circulaire verduidelijkt...]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><strong>Niet alleen werknemers, maar ook zaakvoerders of bestuurders van een vennootschap kunnen aandelenopties toegekend krijgen van het bedrijf of vennootschap waarvoor zij hun prestaties leveren. Onlangs heeft de fiscus in een circulaire verduidelijkt hoe dat de fiscale toekenning moet bekeken worden indien een zaakvoerder via een managementvennootschap zijn prestaties levert. </strong></p>
<p>Indien een zaakvoerder zonder tussenkomst van een managementvennootschap werkt voor een andere vennootschap waarvan hij aandelenopties krijgt toegekend, dan wordt hij in zijn aangifte personenbelasting progressief belast op een forfaitair geraamd voordeel waarop verplicht bedrijfsvoorheffing moet ingehouden worden. Het belastbaar voordeel bedraagt in principe 18% van de waarde van de niet-beursgenoteerde aandelen waarvoor de aandelenopties worden uitgereikt voor zover de optie wordt toegekend voor hooguit 5 jaar te rekenen vanaf de dag van het aanbod. Indien de optie wordt toegekend voor een langere periode, dan wordt het belastbaar voordeel per jaar of gedeelte van een jaar dat de 5 jaar overschrijdt vermeerderd met 1%. </p>
<p>Onder bepaalde voorwaarden wordt het voordeel gehalveerd naar 9%. Een van die voorwaarden stelt dat de optie dan betrekking moet hebben op aandelen van de vennootschap ten behoeve van wie de beroepswerkzaamheid wordt uitgeoefend of op aandelen van een andere vennootschap die een rechtstreekse of onrechtstreekse deelneming heeft in de eerst genoemde vennootschap. De vraag is dan uiteraard of aan die voorwaarde is voldaan indien een vennootschap haar aandelenopties toekent aan de zaakvoerder van een managementvennootschap die aan eerstgenoemde vennootschap managementprestaties verstrekt. </p>
<p>De circulaire is daar zeer duidelijk in. Vermits het echter de managementvennootschap is die juridisch gezien de managementprestaties levert aan haar klant en dat, op fiscaal vlak, de zaakvoerder van die managementvennootschap daarbij zijn beroepswerkzaamheid uitoefent ten behoeve van de managementvennootschap en niet ten behoeve van de klant van de managementvennootschap, is niet voldaan aan die voorwaarde. Het feit of de managementvennootschap al dan niet bestuurder is van de vennootschap die de aandelenoptie toekent, is hierbij niet relevant. Het forfaitair bepaalde voordeel zal dus gehandhaafd blijven op 18%. Deze zienswijze geldt voor de toekenning van aandelenopties waarvan het aanbod vanaf 14 april 2017 valt.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.alaska-group.eu/aandelenoptie-toegekend-aan-zaakvoerder-van-managementvennootschap/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>E-book aan 6% btw?</title>
		<link>http://www.alaska-group.eu/e-book-aan-6-btw/</link>
		<comments>http://www.alaska-group.eu/e-book-aan-6-btw/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 25 Apr 2017 19:12:36 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Legal &#38; Tax</dc:creator>
				<category><![CDATA[Belastingen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.alaska-group.eu/?p=17014</guid>
		<description><![CDATA[Gaat u een boek kopen bij een boekhandelaar dan betaalt u daar 6% btw op. Onlangs heeft het Hof van justitie zich uitgesproken over de vraag of dit verlaagd btw-tarief ook kan gelden...]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><strong>Gaat u een boek kopen bij een boekhandelaar dan betaalt u daar 6% btw op. Onlangs heeft het Hof van justitie zich uitgesproken over de vraag of dit verlaagd btw-tarief ook kan gelden voor boeken die via het internet worden gedownload. Geldt m.a.w. voor de aankoop van een E-book het verlaagd btw-tarief van 6%, of is dit toch onderhevig aan 21% btw?</strong></p>
<p>De btw-Richtlijn maakt een onderscheid tussen gedrukte boeken en boeken die langs elektronische weg worden aangeboden. Op grond daarvan mogen EU-lidstaten dus een verlaagd btw-tarief invoeren voor gedrukte publicaties, zoals tijdschriften, kranten en boeken. Drukwerk valt m.a.w.  onder 6% btw als dat voor iedereen herkenbaar is als een boek. Voor digitale publicaties daarentegen, zoals een E-book geldt het normale btw-tarief van 21% btw. Hoewel het doel achter het verlaagd btw-tarief is om het lezen te bevorderen bij EU-burgers, werd dan ook aan het Hof van justitie de vraag gesteld of dit verschil in btw-tarief wel geoorloofd is.</p>
<p>Het Hof houdt er een specifieke redenering op na. Indien een boek niet fysiek geleverd, maar digitaal wordt aangekocht is er vanuit btw-oogpunt eigenlijk geen sprake van een levering, maar van een dienstverrichting. Concreet gaat het dan om een langs elektronische weg verrichte dienst, waarvoor een uitzonderlijke btw-regeling geldt. Het verlaagd btw-tarief van 6% kan daarvoor in principe niet gelden. Door diensten die langs elektronische weg worden verricht uit te sluiten van de toepassing van een verlaagd btw-tarief, hoeft bovendien niet voor elke verrichte soort van elektronische diensten te worden nagegaan onder welke categorie deze valt, aldus het Hof. Uitbreiding van de toepassing van het verlaagde btw-tarief tot alle elektronische diensten acht het Hof niet mogelijk omdat dit een algemene ongelijke behandeling zou betekenen tussen niet-elektronische diensten elektronische diensten.</p>
<p>Op een E-book die u via het internet aankoop dient u dus 21% btw te betalen, terwijl voor hetzelfde boek in fysieke, gedrukte vorm het verlaagd btw-tarief van 6% geldt. Wanneer dit samen aangeboden wordt, dient u op het geheel 21% btw te betalen als de prijs over het digitale boek en fysieke versie daarvan niet uitgesplitst wordt. De prijs uitsplitsten tussen 6% btw op het digitale boek en 21% btw voor het fysieke boek is perfect mogelijk vermits een E-book immers op zich kan gelezen worden. </p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.alaska-group.eu/e-book-aan-6-btw/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Aangifte personenbelasting 2017 weer wat complexer</title>
		<link>http://www.alaska-group.eu/aangifte-personenbelasting-2017-weer-wat-complexer/</link>
		<comments>http://www.alaska-group.eu/aangifte-personenbelasting-2017-weer-wat-complexer/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 24 Apr 2017 09:29:25 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Legal &#38; Tax</dc:creator>
				<category><![CDATA[Belastingen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.alaska-group.eu/?p=17012</guid>
		<description><![CDATA[Onlangs werd het nieuwe aangifteformulier voor de personenbelasting bekend gemaakt in het Belgisch Staatsblad. Het wordt bijna een gewoonte, maar ook dit jaar zijn er weer een heleboel codes bijgekomen, nl. 75 extra...]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><strong>Onlangs werd het nieuwe aangifteformulier voor de personenbelasting bekend gemaakt in het Belgisch Staatsblad. Het wordt bijna een gewoonte, maar ook dit jaar zijn er weer een heleboel codes bijgekomen, nl. 75 extra codes. Het aangifteformulier voor uw inkomsten van 2016 zal dan in totaal 885 codes tellen. We bekijken de voornaamste aspecten.</strong></p>
<p>De wildgroei aan codes is in de eerste plaats te wijten aan de verschillende tarieven die op roerende inkomsten van toepassing zijn. Er gelden nu immers 6 verschillende tarieven voor vier categorieën van roerende inkomsten, nl. op dividenden, interesten, andere inkomsten van roerende goederen en kapitalen zoals inkomsten van verhuring van roerende goederen, en ten slotte op diverse inkomsten van roerende aard zoals inkomsten uit lijfrenten, en inkomsten uit de (con)cessie van auteursrechten. </p>
<p>Sinds 1 januari 2017 bedraagt het standaardtarief van de roerende voorheffing (rv) op die roerende inkomsten in principe 30% zoals voor dividenden en interesten, maar dat is niet altijd het geval. Op dividenden van Bevak’s of GVV’s die beleggen in woon- of gezondheidszorg aangepaste wooneenheden, alsook op Leterme bons bedraagt het tarief 15% rv. Op dividenden uit de liquidatiereserve betaalt u 17% rv bij een uitkering binnen de 5 jaar na de aanleg ervan. Die diversiteit leidt tot een rimram van extra codes in het aangifteformulier. </p>
<p>Een ander gevolg van de extra codes is de regionalisering van de woonfiscaliteit die er niet eenvoudiger op geworden is. Elke gewest bepaalt m.a.w. zijn eigen regels daarvoor. Daarenboven heeft Vlaanderen ook nog eens de zgn. geïntegreerde woonbonus ingevoerd en is er in het Waalse gewest sprake van de zgn. Cheque Habitat. De ‘eigen’ regels hieromtrent hebben dan ook zijn weerslag in het aangifteformulier.<br />
Wegens de toegenomen complexiteit van het aangifteformulier bezorgt u dan ook beste alle nodige informatie zo snel mogelijk aan uw dossierbeheerder. Op Tax-On-Web en Myminfin is weliswaar tal van informatie terug te vinden voor tal van uw inkomsten, maar niet alle informatie is daarop beschikbaar zoals o.m. opbrengsten van verhuring aan professionelen, uw kosten van kinderopvang, de eventuele betaling van een onderhoudsuitkering. </p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.alaska-group.eu/aangifte-personenbelasting-2017-weer-wat-complexer/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Betaling aan belastingparadijzen: fiscus versoepelt standpunt</title>
		<link>http://www.alaska-group.eu/betaling-aan-belastingparadijzen-fiscus-versoepelt-standpunt/</link>
		<comments>http://www.alaska-group.eu/betaling-aan-belastingparadijzen-fiscus-versoepelt-standpunt/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 18 Apr 2017 16:04:33 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Legal &#38; Tax</dc:creator>
				<category><![CDATA[Economie & Financiën]]></category>
		<category><![CDATA[aangifte]]></category>
		<category><![CDATA[Belastingparadijzen]]></category>
		<category><![CDATA[betalingen;]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.alaska-group.eu/?p=17006</guid>
		<description><![CDATA[Vennootschappen die meer dan € 100.000 betalingen doen aan natuurlijke personen of rechtspersonen gevestigd in een belastingparadijs, moet daarvan jaarlijks een aangifte doen. Bij programmawet van 1 juli 2016 werd die aangifteplicht uitgebreid....]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>Vennootschappen die meer dan € 100.000 betalingen doen aan natuurlijke personen of rechtspersonen gevestigd in een belastingparadijs, moet daarvan jaarlijks een aangifte doen. Bij programmawet van 1 juli 2016 werd die aangifteplicht uitgebreid. De fiscus heeft recent in een circulaire verduidelijkt wanneer die aangifteplicht nu concreet in werking treedt.</p>
<p>Vennootschappen of Belgische inrichtingen van buitenlandse vennootschappen die tijdens een boekjaar voor meer dan 100.000 euro betalingen doen aan personen gevestigd in een belastingparadijs zijn verplicht om hun aangifte vennootschapsbelasting een zgn. aangifte 275F toe te voegen. Wordt die verplichting niet nageleefd, dan wordt de betaling in hoofde van de Belgische vennootschap of inrichting automatisch verworpen als beroepskost. </p>
<p>Door de programmawet van 1 juli 2016 werd die aangifteplicht zelfs nog verder uitgebreid. Ook betalingen gedaan aan vaste inrichtingen, als aan bankrekeningen in belastingparadijzen, moeten aangegeven worden. Het maakt daarbij in het laatste geval niet uit of de houder van die bankrekening zelf al dan niet in belastingparadijs gevestigd is. Merk op dat de fiscus momenteel een landenlijst van een 30-tal landen heeft die als belastingparadijs worden beschouwd, maar ook landen die geen belasting heffen op buitenlandse inkomsten worden en landen waar de belastingdruk lager is dan 15% worden daaraan toegevoegd. Die landenuitbreiding moet nog wel bij K.B. doorgevoerd worden, maar zolang dat het K.B. niet verschenen is, heeft dat dus geen uitwerking. </p>
<p>De programmawet bepaalde echter niet vanaf welk aanslagjaar die wijzigingen in werking zouden treden. De nieuwe regeling is sowieso in werking getreden op de tiende dag na de bekendmaking van de Programmawet in het Belgisch Staatsblad, zijnde op 14 juli 2016. Daarmee was echter niet duidelijk of betalingen vanaf de tiende dag worden bedoeld, dan wel aangiftes ingediend vanaf die datum. De fiscus heeft dit recentelijk verduidelijkt door te bepalen dat het wel degelijk om de betalingen gaat die vanaf 14 juli 2016 gedaan worden. Dit is voordelig voor de belastingplichtige. Valt het boekjaar samen met het kalenderjaar, dan heeft dit tot gevolg dat er pas vanaf aanslagjaar 2017/inkomstenjaar 2016 rekening mee moet gehouden worden. </p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.alaska-group.eu/betaling-aan-belastingparadijzen-fiscus-versoepelt-standpunt/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>21% btw op pro deo diensten uitgesteld</title>
		<link>http://www.alaska-group.eu/21-btw-op-pro-deo-diensten-uitgesteld/</link>
		<comments>http://www.alaska-group.eu/21-btw-op-pro-deo-diensten-uitgesteld/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 18 Apr 2017 08:48:21 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Legal &#38; Tax</dc:creator>
				<category><![CDATA[Legal]]></category>
		<category><![CDATA[advocaten]]></category>
		<category><![CDATA[BTW]]></category>
		<category><![CDATA[Pro deo]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.alaska-group.eu/?p=17004</guid>
		<description><![CDATA[Eind vorig jaar heeft de fiscus, in navolging van Europese rechtspraak, bekend gemaakt dat pro deo prestaties verricht door advocaten en gerechtsdeurwaarders niet langer van het nul-tarief kunnen blijven genieten en bijgevolg aan...]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>Eind vorig jaar heeft de fiscus, in navolging van Europese rechtspraak, bekend gemaakt dat pro deo prestaties verricht door advocaten en gerechtsdeurwaarders niet langer van het nul-tarief kunnen blijven genieten en bijgevolg aan btw moeten onderworpen worden. Aanvankelijk was de inwerkingtreding daarvan voorzien op 1 april 2017, maar dat is nu uitgesteld.</p>
<p>Sinds 1 januari 2014 zijn de prestaties van advocaten in principe aan 21% btw onderworpen. Die onderwerping aan de btw geldt zowel voor adviezen die zij verstrekken, als wanneer zij optreden in het kader van een gerechtelijke procedure. Vooral hun particulier cliënteel werkt dit kostprijsverhogend omdat zij die btw immers niet in mindering kunnen brengen, waar een gewone btw-plichtige met een volledig recht op btw-aftrek dit wel kan. </p>
<p>Pro deo prestaties verricht door advocaten en deurwaarders bleven hier echter wel van gespaard, maar die zgn. tweedelijnsbijstand werd wel onderworpen aan 0% btw. Op die manier behouden advocaten en deurwaarders hun volledig recht op btw-aftrek. Zou men die tweedelijnsbijstand immers hebben vrijgesteld van btw, dan zouden advocaten en deurwaarders daarvoor geen btw-aftrek hebben waardoor zij zgn. gemengd btw-plichtig zouden worden met slechts een gedeeltelijk recht op btw-aftrek. </p>
<p>Aanvankelijk zou de nieuwe btw-maatregel van 1 april 2017 in werking treden. Op 27 maart 2017 heeft de fiscus op zijn website echter medegedeeld dat de inwerkingtreding zal verlaat worden, nl. naar 1 september 2017 vermits op die datum ook het nieuwe gerechtelijk jaar terug zijn startpunt kent. Tegen dan zal de fiscus ook de nadere regels bekend maken waarin de gevolgen van de toepassing van het 21% btw-tarief worden toegelicht. </p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.alaska-group.eu/21-btw-op-pro-deo-diensten-uitgesteld/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>
